NAI arbitrage vergeleken met de rechter en andere instituten

NAI arbitrage vergeleken met de rechter en andere instituten

Zakelijke geschillen kunnen op verschillende manieren worden beslecht. Zo kunnen partijen, in plaats van een procedure bij de rechter of de Netherlands Commercial Court, kiezen voor een arbitrage bij het NAI op basis van een arbitrageovereenkomst. Arbitrage vergeleken met een procedure bij de rechter is vaak sneller en flexibeler (zie tabel 1). Binnen arbitrage bestaan er bovendien verschillen tussen de verschillende instituten. Zo zijn bij een NAI-arbitrage de doorlooptijden doorgaans korter en de kosten lager dan bij een arbitrage bij de ICC of de LCIA (zie tabel 2). Het NAI heeft vergelijkingstabellen opgesteld waarmee bedrijfsjuristen en advocaten die contracten opstellen een overzicht hebben van de de verschillende opties.

Overzicht verschillen NAI arbitrage en een procedure bij de Nederlandse rechter

Onderwerp
Bedoeld voorBedrijven en organisaties (nationaal en internationaal).
Minder geschikt voor particulieren.
Particulieren, bedrijven en organisaties (nationaal en internationaal).Bedrijven en organisaties (nationaal en internationaal).
SnelheidDe mediane doorlooptijd van een bodemprocedure is 12 maanden en van een kort geding 33 dagen (2025).De Rechtspraak publiceert geen doorlooptijden. Geschillen met een belang boven € 1 miljoen duren vaak twee jaar per instantie.[1]

[1] Zie Verkerk, R. R., van Dijk, F., & Pistora, D. (2020). De berechting binnen een redelijke termijn: Een empirisch onderzoek naar doorlooptijden in handelszaken. Tijdschrift voor Civiele Rechtspleging, 4, 153-170 (link).
Weinig zaken en doorlooptijden variëren aanzienlijk.[1] Bodemprocedure op tegenspraak van 126 dagen tot 460 dagen (n=6). Kort geding op tegenspraak van 11 tot 69 dagen (n=7).


[1] T. Geurts e.a., De Netherlands Commercial Court. Een tussenbalans in de opstartfase (Cahier 2025-6): Wetenschappelijk Onderzoek- en Datacentrum (WODC) 2025, p. 52-53 en 57 (link).
Aantal instanties bodemprocedureIn de regel één feitelijk instantie (evt. een vernietigingsprocedure)Mogelijk twee feitelijke instanties en evt. cassatie.Mogelijk twee feitelijke instanties en evt. cassatie.
Wie beslist?Het scheidsgerecht (1 of 3 arbiters). De NAI-arbiterlijst bevat ca. 200 gekwalificeerde arbiters uit binnen- en buitenland. Partijen kunnen ook arbiters voordragen die niet op de lijst staan.Zaken worden beoordeeld door 1 of 3 Nederlandse rechters en raadsheren (of rechter- en raadsheer plaatsvervangers).Zaken worden beoordeeld door 1 of 3 Nederlandse rechters en raadsheren. De NCC(A) bestaat uit 28 Nederlandse rechters en raadsheren.
ExpertisePartijen hebben invloed op de keuze van de arbiters die hun geschil beslechten. Specialisten in een bepaalde sector (bijv. energie, transport, bouw, IT of post-M&A) of rechtsgebied kunnen voor de beoordeling van de zaak noodzakelijke expertise inbrengen.  Partijen hebben geen invloed op de keuze van de personen die hun geschil zullen beslechten.Partijen hebben geen invloed op de keuze van de personen die hun geschil zullen beslechten. De NCC richt zich met name op mededingingsrecht, intellectueel eigendomsrecht en herstructureringen.
Partijautonomie / flexibiliteitPartijen hebben veel flexibiliteit om de procedure in te richten.Standaard dagvaardingsprocedure.Procedure met enige flexibiliteit.
VertrouwelijkheidVertrouwelijk. Partijen kunnen anders overeenkomen.In de regel openbaarIn de regel openbaar
Tenuitvoerlegging buiten EuropaGoed op basis van het Verdrag van New York (waarbij 172 landen partij zijn).Zonder verdrag zal de procedure in de regel opnieuw worden gevoerd.Zonder verdrag zal de procedure in de regel opnieuw worden gevoerd.
Kosten van instantie, beslissers en advocatenPartijen betalen NAI-administratiekosten en het honorarium en de kosten van arbiters. Omdat er slechts één instantie is en de doorlooptijd kort is besparen partijen veelal op de advocatenkosten.Partijen betalen griffierecht (doorgaans lager dan de NAI-administratiekosten). Rechters worden betaald door de overheid. De totale advocaatkosten kunnen oplopen door meerdere instanties.Partijen betalen griffierecht (hoger dan bij een rechtbankprocedure en doorgaans lager dan bij een NAI-procedure). Rechters worden betaald door de overheid. De totale advocaatkosten kunnen oplopen door meerdere instanties.
KostenveroordelingVolledige proceskostenveroordeling van de in het ongelijk gestelde partij (kosten van het NAI, de arbiters en redelijke advocatenkosten).Proceskostenveroordeling is in de regel een fractie van de kosten van de in het gelijkgestelde partij.Proceskostenveroordeling is in de regel een fractie van de kosten van de in het gelijk gestelde partij
TaalPartijen kunnen elke taal overeenkomen. Ongeveer de helft van de procedures bij het NAI wordt gevoerd in de Engelse taal.Nederlands (evt. Fries)NCC(A): procedure/ uitspraak in het Engels
Hoge Raad: procedure en uitspraak in het Nederlands
Elektronisch procederenVolledig via het NAI-arbitrageplatform en e-mail.Beperkt. Berichtenverkeer met de gerechten vindt slechts voor een deel elektronisch plaats.Volledig via eNCC.
BeslissingsmaatstafNaar de regelen van het toepasselijke recht, tenzij anders is overeengekomen.Het toepasselijke recht.Het toepasselijke recht.
Materieel rechtVaak rechtskeuze van partijen. Toepassing van niet-Nederlands recht is mogelijk dankzij de expertise van het scheidsgerecht.Vaak rechtskeuze van partijen. Vreemd recht is lastiger voor de Nederlandse rechter (input van partijen is extra belangrijk).Vaak rechtskeuze van partijen. Vreemd recht is lastiger voor de Nederlandse rechter (input van partijen is extra belangrijk).

Dit overzicht is opgesteld door Stichting Nederlands Arbitrage Instituut en is bedoeld om gebruikers inzicht te geven in de belangrijkste verschillen tussen de rechter en NAI-arbitrage. Hieraan kunnen geen rechten worden ontleend. Voor vragen kunt u contact opnemen met het NAI-secretariaat via secretariaat@nai.nl of via +31 010 281 69 69. Versie juni 2026.

NAI arbitrage versus een arbitrage bij de ICC en LCIA

Onderwerp
Bedoeld voorBedrijven en organisaties (zowel nationaal als internationaal). Bedrijven en organisaties (zowel nationaal als internationaal). Bedrijven en organisaties (zowel nationaal als internationaal). 
Kosten van de arbitrageBij een geschil van €10 miljoen worden de kosten van de arbitrage geraamd op €129.000 (€30.500 aan administratiekosten en €98.500 aan arbiterkosten).


Bij een geschil van €950.000 worden de kosten van de arbitrage geraamd op €32.150 (€12.800 aan administratiekosten en €19.350 aan kosten van de arbiter).
Bij een geschil van €10 miljoen worden de kosten van de arbitrage geraamd op € 357.218 (€51.931 aan administratiekosten en €305.286 aan kosten van de 3 arbiters).
 
 
Bij een geschil van €950.000 worden de kosten van de arbitrage geraamd op €50.085 (€21.115 aan administratiekosten en €28.960 aan kosten van de 3 arbiter).
De website van LCIA bevat geen kostencalculator om te kosten in te schatten.
SnelheidDe doorlooptijd van een NAI arbitrage bodemprocedure is gemiddeld 9 maanden (2021) en van een NAI arbitraal kort geding gemiddeld 48 dagen met een mediaan van 38 dagen (2019 – 2024). Een ICC arbitrage heeft een gemiddelde duur van 27 maanden met een mediaan van 25 maanden (2023).

De ICC rapporteert niet over de duur van emergency arbitrations.
De LCIA arbitrage heeft een mediaan van 16 maanden.

De LCIA rapporteert niet over de duur van emergency arbitrations.
Kort geding / emergency arbitration Beschikbaar.

Niet verplicht om een bodemprocedure te starten na een arbitraal kort geding, tenzij het toepasselijk (arbitrage)recht dat voorschrijft.

Het resultaat van een kort geding is een arbitraal vonnis.
Beschikbaar.

Verplicht om een bodemprocedure te starten na een emergency arbitration.

Het emergency arbitration is een order.
Beschikbaar.

Verplicht om een bodemprocedure te starten na een emergency arbitration.

Het emergency arbitration is een order.
SpoedbodemarbitrageSpoedbodemarbitrage beschikbaar. Beoogde doorlooptijd is 6,5 maanden. De spoedbodemarbitrage wordt de standaardprocedure voor vorderingen van minder dan 1 miljoen euro (onder het NAI Arbitragereglement 2024).Expedited proceedings beschikbaar. De expedite proceedings is de standaardprocedure voor vorderingen van minder dan 3 miljoen USD.Expedited proceedings niet beschikbaar.
ScrutinyHet NAI Reglement voorziet in een scrutiny van het arbitraal vonnis, in het bijzonder op vormvereisten.

Voor bodemprocedures duurt de scrutiny vijf werkdagen en in kort geding twee werkdagen.
Het ICC Reglement voorziet in een scrutiny van het arbitraal vonnis op formele en inhoudelijke punten.

Het ICC Reglement geeft geen tijdsbestek voor de toetsing.
Het LCIA Reglement voorziet niet in de scrutiny van een arbitraal vonnis.
Benoeming van arbitersBenoeming op voordracht van partijen is de standaard.

Partijen kunnen kiezen voor de lijstprocedure.

Als partijen geen arbiter voordragen wordt de arbiter benoemd door het NAI.
Benoeming op voordracht van partijen is de standaard.

Als partijen geen arbiter voordragen wordt de arbiter benoemd door de ICC Court.
Benoeming door de LCIA Court is de standaard.

Partijen kunnen overeenkomen dat de arbiters door partijen worden voorgedragen.