zitkuil
NAi, 2 oktober 2004
Een verkenning van het dagelijks leven in de jaren zeventig door culinair journalist Joep Habets, die de inwendige mens onder handen neemt ('ah, ja, daar is ie... de fonduepan'); journalist Jaap Huisman die de behoefte aan natuurlijke materialen verklaart en in de zitkuil de voorloper van de loungeclubs ziet en last but not least toont architect en filmmaker Jord den Hollander morsige filmpjes -'uit vergeten hoekjes'- uit een decennium waarin porno op serieuze kritieken kon rekenen in de dagbladen.
Fondue en Pilaf
Toen Joep Habets in zijn vriendenkring eens te rade ging over eetgewoonten in de jaren zeventig kwam er een keur aan gerechten voorbij. Habets hoorde macaroni langskomen ('van Honig. En niet met saus, maar met wat we toen nog 'een prutje' noemden'), uiensoep ('met kaas en gegeten uit die rustieke bruine kommen') en bloemkoolroosjes. Habets: "Er werden ook gerechten genoemd die we vandaag de dag ook nog eten. Gerechten van alle tijden, zoals biefstuk met friet, maar heel specifiek waren dan weer de houten plank waarop de biefstuk werd geserveerd. En de dolk die ernaast lag."
"De jaren zeventig was een tijd waarin er meer over de grenzen werd gekeken," vertelt Habets. "De welvaart was die jaren op een hoog pijl, waardoor er meer mogelijk werd in de keuken. Als zeer exotisch werd het beschouwd om ananas bij een gerecht te serveren. Ontelbare keren heb ik de ananas zien voorbijkomen in kookboeken uit die tijd." Dat het uit blik kwam deed in niets af aan de status van de vrucht. "Topkoks kookten die jaren ook veel met produkten uit blik. Krab en ganzelever, kwam veelal uit blik. Het was een periode waarin langzaam aan meer aandacht kwam voor verse produkten."
"Natuurlijk was deze tijd vooral ook een tijd van de zwijgende meerderheid. In boeken, films en verhalen wordt meestal een beeld geschetst dat de extremen in beeld brengt. Die zwijgende massa deed ook de mond open, maar slechts om te eten." Buiten die groep om verliet Nederland de sobere maaltijd. Gezelligheid en romantiek maakten hun opwachting aan de Nederlandse eettafel. "De wijn was in opkomst, evenals Franse kaas en typerend als decoratie, de druipkaars. En bij deze ontwikkeling van meer aandacht voor eten en elkaar, passen ook fenomenen als de fonduepan, steengrillen, courmetten," verklaart Habets.
Als de rekening moet worden opgemaakt denkt Habets dat destijds vooral de kritische kijk op eten is ingeburgerd. Habets: "De aandacht voor het milieu, bestrijdingsmiddelen, ecologische produkten, die stamt uit die tijd."
Zitkuil en Macramé
Na de inwendige mens neemt architectuurcriticus Jaap Huisman achter het katheder plaats om het gaan hebben over....de inwendige mens. Huisman: "Ja, want het was een tijd waarin we ons naar binnen gingen richten. De wereld was in oorlog (Vietnam), in crisis (de oliecrisis) en werd bedreigd (het rapport van de Club van Rome waarschuwde voor de toenemende vervuiling van het milieu)." Huisman: "De stad had afgedaan. Er was een behoefte aan natuur. De stad stond voor alles wat vies en vervuild was. Natuurlijke materialen als kurk, rotan en hout deden hun intrede in het interieur. De salontafels werden bij het vuil gezet en men ging dichter op de grond leven. Ook trokken er velen weg uit de stad. Veel vrienden van mij kochten een boerderij en maakten er een 'woonboerderij' van. Echt iets uit die tijd."
Maar er was meer. Huisman: "Tegelijkertijd was het de tijd van het science-fiction
design. De lampen uit die tijd waren zeer bijzonder. De voortschrijdende techniek maakte het mogelijk om bijzondere vormen van metaal en plastic te ontwerpen." De techniek was ook een hulpstuk bij de emancipatie van de vrouwen. "De vrouw kreeg meer vrije tijd door de komst van de vaatwasser en de wasmachine." Open keukens, carpoort, de keuken aan de voorzijde, de woonkamer aan de achterzijde, de open trap; het zijn stijlelementen die uit de jaren zeventig stammen. Huisman: "De straat werd een blinde goot van functies. Het leven speelde zich binnen af, daar moest het knus en gezellig zijn."
"Terugkijkend wordt er over de jaren zeventig nogal meewarig gesproken. Het was een lullige tijd waarbij vooral wordt verwezen naar het kleurgebruik: oranje, bruin, paars, maar het waren tevens de jaren waarin de hiërarchie in huis verdween. Je kon slapen in de huiskamer, wonen in de slaapkamer, de keuken werd bij het huis betrokken en je kon er eten en leven." Dat ze nog niet zo gek waren die jaren zeventig illustreert Huisman ook door te wijzen op een 'eigentijds' fenomeen: het loungen. Huisman: "Loungen is typisch jaren zeventig. De zitkuil was de loungebank van nu."
Vrije seks en Porno
Blue Movie. Hugo Metsers die na een gevangenisstraf terechtkomt in de Bijlmermeer en kennismaakt met de veranderde seksuele moraal. Het fragment zorgt voor hilariteit in de zaal als Carry Tefsen naakt in beeld verschijnt. Erg jaren zeventig: Bijlmer, sluik haar en seks. "De jaren zeventig dat was vrije seks," begint Jord den Hollander zijn presentatie . "Naast de tijd van fleurige blousjes, dubieuze jasjes, was het vooral de tijd waarin seksfilms in opkomst waren." Den Hollander beschrijft hoe porno ingeburgerd raakte -chique porno- en hoe seks in films voor hoge bezoekersaantallen zorgde.
"Het begon voorzichtig," vertelt den Hollander, "maar na een half uur werd er steeds meer getoond. De mensen waren dit niet gewend, maar langzaam aan verdween seks en porno uit een verdomhoekje en werd het gemeengoed." Reden: de losgeweekte seksuele moraal die Nederland had bevrijd uit een ijzeren greep.
Maar naast deze vooruitstrevendheid was er het vertrouwde conservatisme: porno verdween uit de grote zalen en kwam terecht in bioscopen met niet meer dan 49 stoeltjes. Den Hollander: "Gedoogbeleid is van alle tijden. Maar tot die tijd stonden films als Deep Throat en The Devil in Mrs. Jones in de top-10 met films als The French Connection." Nu ondenkbaar. Den Hollander: "Niet dat die kwaliteit zo geweldig was, die films waren echt slecht, maar alles met seks stond in de belangstelling." Is die belangstelling nu minder? Den Hollander: "In het geheel niet. Op dit moment liggen 15.000 acteurs in San Diego Valley voor een draaiende camera een nummertje te maken, maar door de video is de plek van porno uit het straatbeeld verdwenen."
Verslag: Ferry Wieringa
Tentoonstelling
19
juni
2004
- 03
oktober
2004
|
De zitkuil, het woonerf of het behang met weelderige patronen in de kleurencombinatie bruin-oranje-paars: typische voorbeelden van de jaren zeventig. Maar ook gebouwen als Hoog Catharijne in Utrecht, Centraal Beheer in Apeldoorn, Het Moederhuis in Amsterdam en de Meerpaal in Dronten hebben een toon gezet in het decennium met de hoogste bouwproductie in de Nederlandse geschiedenis. De tentoonstelling 'Woonerven en Zitkuilen, de Kritiese Jaren Zeventig' toonde in 2004 materiaal van architecten, kunstwerken, films en foto's uit en over deze periode.
> Lees meer...
Architect Jan Verhoeven wilde wijken en gebouwen
maken die mensen meer bij elkaar zouden brengen. Het was een reactie op
de massaliteit en anonimiteit van de naoorlogse woningbouw. Bij
Stichting BONAS is een monografie verschenen over Jan Verhoeven, met
een essay en een inventarisatie van zijn oeuvre.
> Lees meer...
Mevrouw Sonneveld leidde het huishouden met strakke hand. Een van de dienstmeisjes, Jeanne Schreuder, haalt herinneringen op aan
haar betrekking in Huis Sonneveld. “Meneer Sonneveld bemoeide zich niet
met het huishouden, maar mevrouw had de knoet eronder.”
> Lees meer...
In het archief van Frank van Klingeren (1919-1999) bevinden zich foto's en tekeningen van 't Karregat, een wijkcentrum in Eindhoven dat typerend is voor de architectonische experimenten van de jaren zeventig.
> Lees meer...
Evenement
11
november
2012
14:00
|
Op zondag 11 november bood het Nederlands
Architectuurinstituut zijn publiek de kans om inzicht te krijgen in de
veranderingen die het NAi heeft doorgemaakt. Aanleiding was de aanstaande fusie
tussen Premsela, Virtueel Platform en het NAi per 1 januari 2013. Onder de
titel ‘The Legacy’ werd deze middag geanalyseerd wat het NAi de afgelopen
vijfentwintig jaar bijzonder heeft gemaakt.
> Lees meer...