Impressie van het Museumpark met de parkeergarage van Architectenbureau Paul de Ruiter. Beeld: Architectenbureau Paul de Ruiter.
In het Museumpark wordt een ondergrondse parkeergarage gebouwd, en het park
zelf wordt opnieuw ingericht. Het ontwerp van Yves Brunier en Rem Koolhaas
stuitte al bij oplevering in 1993 op kritiek, en die is in de jaren
daarna, toen het park in hoog tempo zijn glans verloor, alleen maar
toegenomen.
Troosteloze vlakte
In de kritieken moet vooral het evenemententerrein het ontgelden:
"Bij
dit nieuwe park [is] alvast rekening gehouden met grote
publieksmanifestaties door de aanleg van een gigantische, hooggelegen,
zwart geasfalteerde vlakte waarover de voetganger zich psychologisch
met moeite een weg baant. Het is volstrekt onduidelijk wat de morele
strekking is van deze zwart geblakerde, troosteloze vlakte. Het zal
toch niet de bedoeling zijn dat die leegte daar ligt te wachten op de
schaarse activiteiten als de Uitgaansmarkt. Of rust op het groene
gedeelte van het park slechts de taak een schilderachtige, kalmerende
omlijsting te zijn voor grotestadsbezigheden, een geheel eigen,
twintigste eeuwse, Rotterdamse variant op het Volkspark?"
Gerda ten Cate in Bouw 48 (1993) 23
Graffiti
Op
de persconferentie ter gelegenheid van de opening van het park zei
Koolhaas: 'In Frankrijk zouden ze, om een dergelijk kwetsbaar park te
sparen, er een hek omheen hebben gezet." Dat is hier niet gebeurd,
waardoor het park al tijdens de aanleg zijn glans verloor. De
roestvrijstalen muur werd met graffiti ondergekliederd, de brokken
blauw glas tussen de keien werden gestolen. De hosta's en
geraniumsoorten werden te laat geplant en verdroogden door de hitte, of
werden vertrapt of uit de grond getrokken. Ook de aanleg van de laatste
'kamer' uit het ontwerp, de appelboomgaard op een ondergrond van
schelpen, had niet het gewenste resultaat. De bomen gedijen niet op
deze ondergrond en stierven af. Daardoor werd dit deel van het park
nooit meer dan wat armzalige stammetjes die uit de bleke grond staken.
Hoogwaardiger uitstraling
Het
Museumpark wordt opnieuw ingericht met een herstel- en verbeterplan op
basis van het oorspronkelijke ontwerp van OMA. De romantische tuin zal
in zijn oude luister worden hersteld en het evenemententerrein moet een
verzorgder en hoogwaardiger uitstraling krijgen. Op het voormalige
schelpenveld komen zo'n 300 geknotte acaciabomen te staan en de grond
wordt bedekt met witte steentjes in plaats van schelpjes. Onder het
evenemententerrein komt een parkeergarage van drie verdiepingen en een
ondergrondse waterberging, naar ontwerp van architect Paul de Ruiter.
Impressie van het Museumpark met de parkeergarage van Paul de Ruiter Architecten. Beeld: Paul de Ruiter Architecten.
Parkeergarage
De
garage voorziet in 1150 extra parkeerplaatsen, voor het grootste deel
bestemd voor het Erasmus Medisch Centrum, dat de komende jaren in fases
wordt uitgebreid. Het waterreservoir heeft een capaciteit van 10
miljoen liter water en beperkt bij hevige regenval de wateroverlast in
het stadscentrum. Bij het ontwerp van de Parkeergarage Museumpark is
vooral gelet op een goede inpassing in het parkachtige landschap.
Daarnaast moeten de gebruikers van de garage zich veilig en op hun
gemak kunnen voelen. Vides, glazen trappenhuizen en slanke
staalkolommen zorgen voor licht, lucht, ruimte en transparantie. De
uitgangen van de parkeergarage vormen nieuwe architectonische elementen
in het landschapsontwerp.
Website Architectenbureau Paul de Ruiter
"Het ontwerp van Quist heeft het meest 'Rotterdamse'
gebouw ontwerp, zakelijk, zonder tierelantijnen en andere gewilde en
op effect beluste vormen."
> Lees meer...
"Beste opdrachtgevers, laat Rem Koolhaas nu eindelijk eens een
monumentale opdracht krijgen. Dit gebouw heeft zelfs meer dan
internationale allure, het heeft betekenis."
> Lees meer...
"Past in de omgeving, alsof het er al was, prettig. Je hóeft het niet
mooi te vinden, enkele andere ontwerpen dwingen dit af."
> Lees meer...
Uiterlijk begin 1992 had het nieuwe architectuurinstituut open moeten
gaan voor publiek. Het werd zo'n anderhalf jaar later: september 1993.
De ambities van architect Jo Coenen en het NAi
waren groter dan het beschikbare budget. De consequentie daarvan was
dat het ontwerp een flinke versobering moest ondergaan.
> Lees meer...
"Benthem en Crouwel hebben naar mijn mening het meest rustige en
evenwichtig, toch duidelijk originele ontwerp gemaakt."
> Lees meer...