Heeft u opmerkingen of vragen over de site? Leg ze voor aan de NAi webredactie.
Binnenstadsplan Rotterdam, met daarop aangegeven de Centrumruit (rood), Waterstad (blauw) en de Parkendriehoek (groen). Foto: Stadsontwikkeling Rotterdam. Collectie: NAi, Archief MOAI.
Het nieuwe architectuurinstituut zou een plaats moeten krijgen in de zogenoemde Parkendriehoek, een groene wig in de stad die het centrum van Rotterdam met de Maas verbindt. Het gebied, bestemd voor cultuur en recreatie, was naast de Centrumruit en Waterstad een belangrijk onderdeel van het Binnenstadplan voor Rotterdam (1985-1990), het sluitstuk van de wederopbouw.
Rommelige inrichting
De Parkendriehoek wordt doorsneden door de Westzeedijk, met ten zuiden daarvan het Park bij de Euromast, en ten noorden ervan het Museumpark. De locatie die voor het Architectuurinstituut bedacht was, lag schuin tegenover Museum Boijmans van Beuningen. Het was een driehoekig terrein dat officieel het Hobokenplein heette, maar door de rommelige inrichting van parkeerplaatsen en begroeiing had het niet het karakter van een plein. Door de ligging tegen de Rochussenstraat aan, zou het architectuurinstituut de noordelijke begrenzing vormen van het Museumpark.
Inhaalmanoeuvre
In 1974 was al het eerste plan ontstaan voor een concentratie van musea in het gebied rondom Boijmans van Beuningen, een Volkspark voor de cultuur. Door gebrek aan financiële middelen is het plan lange tijd uit beeld geraakt. In het kader van het Binnenstadplan had de Dienst Stadsontwikkeling (nu dS+V) het plan opnieuw opgepakt, onder leiding van directeur Riek Bakker. Individuele initiatieven op het gebied van kunst en cultuur waren er wel, maar die hadden weinig armslag bij gebrek aan overheidssteun. Na jaren van sociale prioriteiten zoals stadsvernieuwing werd het tijd voor een inhaalmanoeuvre in de vorm van investeringen en ruimtelijke ingrepen.
Het Museumpark, 1974. Foto: Collectie Gemeentearchief Rotterdam.
Uitbreiding
Rem Koolhaas kreeg de opdracht voor het ontwerp van de Kunsthal (1987-1992) aan de zuidkant van het Museumpark, tegen de Westzeedijk aan. Het kwam naast de voormalige Villa Dijkzigt te staan, waarin sinds 1987 het Natuurmuseum gevestigd was. In 1989 werd een start gemaakt met de inrichting van het Museumpark, naar een concept van de Dienst Stadsontwikkeling en uitgewerkt door Rem Koolhaas en de Franse landschapsarchitect Yves Brunier. H.J. Henket ontwierp in 1991 een nieuw paviljoen voor Museum Boijmans van Beuningen. De bouw van het NAi zou het voorlopige sluitstuk worden.
> Maquette van de Kunsthal, naar een ontwerp van Rem Koolhaas. Collectie: NAi. Archief OMAR.
Kaarsrechte promenade
Een belangrijk motief in de voorstudies van de Dienst Stadsontwikkeling voor het Museumpark was een brede, kaarsrechte promenade die van noord naar zuid in de lengterichting van het park was gesitueerd. Het NAi zou strikt in het verlengde van die as moeten liggen. Uiteindelijk is dit als harde eis komen te vervallen, omdat het NAi het voor het verlenen van een meervoudige opdracht niet wenselijk vond die beperking aan architecten op te leggen. Een dergelijke opdracht is immers ook bedoeld om verrassende resultaten te verkrijgen.
> Ontwerp voor het Museumpark van OMA. Collectie: NAi, Archief OMAR.
Kunstmatig stadspark
Koolhaas en Brunier hebben in de lengte van het park vier sterk van elkaar verschillende zones gemaakt ('kamers') waar een pad doorheen loopt, een beetje zoals de beoogde lengteas. Aan de kant van de Kunsthal een bestrate zone, als een soort plein voor het museum. Daarvoor lag een romantische zone met bomen, felgekleurde bloembedden, waterpartijen, slingerpaden en een gebogen brug met flonkerende steentjes. Dan volgde een kale zwart geasfalteerde vlakte die bedoeld was voor evenementen en fel kon worden aangelicht. Daaraan grensde de vierde zone: tegenover de vijver rond het NAi zou een strak geometrisch geplante appelboomgaard komen staan met wit geschilderde stammen, op een witte ondergrond van schelpen. Dit deel wordt optisch vergroot door een spiegelende wand van roestvrijstaal die aan de zijkant is geplaatst. "Een nadrukkelijk kunstmatig stadspark [..], geen verbeelding van de natuur, maar een vrolijke voorstelling van gedresseerde vegetatie en zoete clichés van het zogenaamd ongerepte. " (Ruud Brouwers in Het Nederlands Architectuurinstituut)
In het Museumpark wordt een ondergrondse parkeergarage gebouwd, en het park
zelf wordt opnieuw ingericht. Het ontwerp van Yves Brunier en Rem Koolhaas
stuitte al bij oplevering in 1993 op kritiek, en die is in de jaren
daarna, toen het park in hoog tempo zijn glans verloor, alleen maar
toegenomen.
> Lees meer...
"Beste opdrachtgevers, laat Rem Koolhaas nu eindelijk eens een
monumentale opdracht krijgen. Dit gebouw heeft zelfs meer dan
internationale allure, het heeft betekenis."
> Lees meer...
"Benthem en Crouwel hebben naar mijn mening het meest rustige en
evenwichtig, toch duidelijk originele ontwerp gemaakt."
> Lees meer...
"Het ontwerp van Quist heeft het meest 'Rotterdamse'
gebouw ontwerp, zakelijk, zonder tierelantijnen en andere gewilde en
op effect beluste vormen."
> Lees meer...
Verslag van een roerige periode in de geschiedenis van het NAi: de strijd om Rotterdam,
de prijsvraagontwerpen voor het nieuwe gebouw, en het gevecht met een
te krap budget. Werp een blik in het schetsboek van Jo
Coenen en bekijk de plattegronden van het uiteindelijke ontwerp.
> Lees meer...