Jan Verhoeven. Centrale hal basisschool te Heumen, 1981. Fotograaf onbekend. Collectie NAi, VERH f38
Architect Jan Verhoeven werkte vanuit het geloof dat architectuur kan bijdragen aan een betere samenleving. Hij wilde wijken en gebouwen maken die mensen meer bij elkaar zouden brengen. Het was een reactie op de massaliteit en anonimiteit van de naoorlogse woningbouw. Verhoeven maakte naam met experimentele architectuur die breed weerklank vond. Bij Stichting BONAS is een monografie verschenen over Jan Verhoeven, met een essay en een inventarisatie van zijn oeuvre.
Verkeersknooppunt Hoevelaken vormde jarenlang een moeilijk te nemen barrière voor wie per auto van Oost- naar West-Nederland wilde of omgekeerd. Begin jaren zeventig van de vorige eeuw werd het verkeersaanbod in de weekenden nog vergroot door de vele dagjesmensen die een kijkje kwamen nemen in de pittoreske huisjes van Jan Verhoeven in Hoevelaken. Wat zochten mensen daar en wat vonden ze?
Gezellig wonen
Ze zochten naar een andersoortige architectuur dan in die tijd voorhanden was. De grootschalige anonieme uitbreidingswijken in de jaren zestig kregen veel kritiek en waren in veler ogen passé. In de woningen die Verhoeven bouwde vonden zij een verfrissende wisselwerking tussen open- en beslotenheid; het gezellig wonen aan een plein(tje) gold als een nieuw ideaal en de expressieve complexiteit van Verhoevens woningen stond in contrast met de eenvormigheid van de gangbare architectuur.


> Boven: woningen Hoevelaken. Midden: woningen Scheltemalaan, Amersfoort. Onder: studentenhuisvesting Drienerlo. Klik op de afbeeldingen voor vergroting en volledig bijschrift.
Individu versus gemeenschap
Verhoeven bereikte dat -in navolging van zijn leermeester Aldo van Eijck (1918-1999)- door de vormgeving van de verhouding tussen individu en gemeenschap tot de belangrijkste opgave van de architectuur te bestempelen. Door de geometrie als uitgangspunt voor zijn ontwerpen te nemen en met behulp van tegenstellingen als licht-donker, privaat-collectief en gesloten-open modelleerde hij zijn huizen en scholen. Maquettes vormden een belangrijk onderdeel van zijn ontwerpmethode en werden in diverse stadia ingezet om zijn opdrachtgevers te overtuigen.
Nederlandse bouwtraditie
Modernistische materialen als glas en beton vond Verhoeven weinig geschikt voor zijn doel en in zijn materiaalkeuze leunde hij dan ook sterk op de Nederlandse bouwtraditie met hout, baksteen en verbeterde Hollandse dakpannen. Die herkenbaarheid speelde een belangrijke rol in de appreciatie door het publiek, maar de nogal opgelegde gemeenschappelijkheid van galerijen, binnenpleinen en straatjes bij grotere projecten zoals het plan Hofdijk te Rotterdam oogsten minder waardering.

> Woningbouwproject Hofdijk Rotterdam. Klik op de afbeeldingen voor vergroting en volledig bijschrift.
Scholen
De waarde die Verhoeven hechtte aan centrale ontmoetingsruimten kwam in zijn vele schoolontwerpen beter tot zijn recht. De klaslokalen in zijn basisscholen in onder meer Heumen, Cuijk en Leusden waren rond een dergelijke ruimte gegroepeerd. Daarmee kregen ze een functionaliteit die in het onderwijs van pas kwam en die je niet 24 uur per dag omringde.


> Boven: Basisschool Heumen. Midden en onder: Montessorischool 't Ronde in Leusden. Klik op de afbeelding voor vergroting en volledig bijschrift.
Archief Jan Verhoeven
Het archief van Jan Verhoeven is in 2004 door de weduwe van Verhoeven aan het NAi geschonken. Naast tekeningen en foto’s is een zestigtal maquettes bewaard gebleven. Voor het onderzoek van BONAS naar leven en werk van Verhoeven is van dit archief uitputtend gebruik gemaakt.
> Lees meer over de acquisitie van dit archief en bekijk maquettes van de Streekschool in Den Haag.
Publicatie BONAS
![]() | Jan Verhoeven (1926-1994) : exponent van het structuralisme / Mette
Zahle, Dorothee Segaar-Höweler, Andrea Prins ; red. Radboud van Beekum
[et al.]. – Rotterdam, Stichting BONAS, 2012. Het boek is te bestellen via www.bonas.nl, en verkrijgbaar in de boekhandel. Prijs: € 28,- |
De acquisitie van het archief van Jan Verhoeven past binnen het
beleid van het NAi om meer aandacht te besteden aan de jaren zeventig. Het is
deze periode waarin Verhoeven naam maakte met zijn experimentele architectuur.
> Lees meer...
Bij de
Stichting BONAS in Rotterdam is onlangs een monografie verschenen over de
architect en voormalig Rijksbouwmeester G.C. Bremer (1880-1949). Het
boek is geschreven door Rosa
Visser-Zaccagnini en omvat een biografie, een analyse van Bremers werk, een
catalogus en een bibliografie. Hiermee is voor het eerst een gepubliceerd
overzicht van zijn gehele oeuvre beschikbaar. Het is deel 39 in de
reeks architectuur-monografieën
van de Stichting BONAS.
> Lees meer...
April 2011 | Op 8 april werd het archief van architect J.W.C. Boks overgedragen aan het NAi. Het vormt een belangrijke aanvulling
op de al eerder verzamelde archieven uit de
wederopbouwperiode. Gelijktijdig werd het boek gepresenteerd dat Hans
Willem Bakx over Boks schreef op basis van onderzoek in dit archief.
> Lees meer...
Boekpresentatie
17
februari
2012
16:30
|
Op vrijdag 17 februari wordt een nieuwe monografie uit de BONAS-reeks
gepresenteerd: Jan Verhoeven (1926-1994): Exponent van het
structuralisme. Iedereen is van harte uitgenodigd deze presentatie bij
te wonen.
> Lees meer...
Tentoonstelling
19
juni
2004
- 03
oktober
2004
|
De zitkuil, het woonerf of het behang met weelderige patronen in de kleurencombinatie bruin-oranje-paars: typische voorbeelden van de jaren zeventig. Maar ook gebouwen als Hoog Catharijne in Utrecht, Centraal Beheer in Apeldoorn, Het Moederhuis in Amsterdam en de Meerpaal in Dronten hebben een toon gezet in het decennium met de hoogste bouwproductie in de Nederlandse geschiedenis. De tentoonstelling 'Woonerven en Zitkuilen, de Kritiese Jaren Zeventig' toonde in 2004 materiaal van architecten, kunstwerken, films en foto's uit en over deze periode.
> Lees meer...