Heeft u opmerkingen of vragen over de site? Leg ze voor aan de NAi webredactie.
Jos. Bedaux, Kerk en pastorie Fatima, Tilburg, 1946-1947. Foto: © Martien Coppens / Nederlands Fotomuseum
April 2010 | 18 april 2010 is de honderdste geboortedag van architect Jos. Bedaux (1910-1989). Op allerlei manieren wordt dit jaar aandacht aan zijn werk besteed: er verschijnt een monografie, er is een website gelanceerd en een tentoonstelling gemaakt. Bovendien vindt dit jaar de overdracht van zijn archief aan het NAi plaats.
Postmodernist avant la lettre
Gebouwen van Jos Bedaux zijn vooral in Noord Brabant te vinden. Woonhuizen in ‘de stijl van Bedaux’ zijn in die contreien al vele jaren populair. Op nationaal niveau is zijn reputatie de afgelopen jaren sterk gegroeid, en dan met name in de vakwereld. Hij staat bekend als een ‘traditionalistische’ architect maar wordt ook wel een ‘postmodernist avant la lettre’ genoemd vanwege zijn vrije, ondogmatische omgang met tradities. In zijn oeuvre gaan verschillende stijlen en elementen uit de architectuurgeschiedenis – van traditioneel tot modern – naadloos in elkaar over. In het actuele debat over (neo)traditionalisme in de architectuur wordt Bedaux dan ook steeds vaker als voorbeeld aangehaald.
Archief
Het oeuvre van Bedaux is buitengewoon omvangrijk en divers. Zeker in het begin van zijn loopbaan bouwde Bedaux in een traditionalistische stijl. Later werd zijn werk strakker, formeler en moderner, zonder dat hij helemaal afstand deed van traditionele elementen. In die balans tussen traditie en moderniteit vond hij een eigen, specifieke stijl. Zowel dat persoonlijke handschrift als de wortels in het traditionalisme waren voor het NAi aanleiding het archief van Bedaux te verwerven. Het archief vormt een belangrijke aanvulling op archieven van andere 20e eeuwse traditionalistische architecten in de NAi collectie, zoals J.A. Kropholler, J.F. Berghoef en architecten van de Bossche School. 
> Jos. Bedaux, Eigen Woonhuis Goirle, 1938. Foto: Frans Bedaux
Traditionalisme
Bedaux groeide op in het katholieke Noord-Brabant, een goeddeels geisoleerde provincie die pas ontsloten werd toen in 1936 de Moerdijkbrug een verbinding vormde met Zuid-Holland. Bedaux was lid van de Bossche Kring (1936) en de AKKV (1937), katholieke organisaties die een traditionalistische architectuur voorstonden. Hij liet zich in die tijd fel uit tegen modernistische stromingen en de moderne, zedenloze invloeden uit ‘Holland’.
Classicisme
Zijn vroege ontwerpen zijn verwant aan de zware baksteenarchitectuur van J.A. Kropholler, versierd met natuursteen en smeedwerk. Later in de jaren dertig wordt zijn architectuur lichtvoetiger: een rijk gedecoreerd romantisch-traditionalisme. Hij gaat zijn gevels wit schilderen, wat een terugkerend motief in zijn oeuvre zal worden. Na de oorlog wordt zijn werk strakker, statiger en monumentaler. Hij gebruikt geen specifieke streekeigen elementen, maar zoekt naar algemene vormen uit het verleden, zoals die uit de Hollandse Renaissance of het Classicisme. 


> Van boven naar beneden: Woonhuis Van Ierlant, Herstellingsoord Godelieve, Woonhuis Van de Ven. Klik voor meer details.
Kindergezondheidszorg
Begin jaren vijftig wordt hij door de vakwereld buiten de ideologie van
de Delftse School geplaatst, na kritiek in het Katholiek Bouwblad op
het willekeurige gebruik van vormmotieven in zijn Fatimakerk. Zelf
keert hij zich tegen de doctrines van de Bossche School. Bedaux bouwt
in de jaren vijftig veel voor de kindergezondheidszorg. De functie van
die gebouwen en de behoefte aan licht, lucht en hygiene, wijst hem als
vanzelfsprekend in de richting van het Nieuwe Bouwen.
Geometrische vormen
Eind jaren vijfitg ontwerpt Bedaux sobere geometrische woonhuizen
waarin de versiering nagenoeg verdwenen is. In deze tijd ontwikkelt hij
een eigen, ingetogen en tijdloze vorm van modernisme. Hoogtepunten uit
deze periode zijn het gebouw van de Katholieke Hogeschool in Tilburg
(1958-1962) en het kantongerecht in Tilburg (1968). Zijn composities
van massa en ruimte in grote geometrische vormen, strakke belijning en
contrastrerend materiaalgebruik sluiten aan bij het werk van moderne
architecten als Le Corbusier.
Herkenbaar
Elke nieuwe ontwerpopgave betekende voor Bedaux een nieuw spel met
stijlen en variaties. Hij was geen purist, en gebruikte meerdere
stijlen naast elkaar in hetzelfde ontwerp. Ondanks die variatie en
diversiteit is het werk van Bedaux onmiddellijk herkenbaar. Dat zit
vooral in de duidelijke volumes en harmonieuze composities, en gevels
waarin details telkens anders zijn toegepast.
Relativering
Bedaux’ vrije omgang met stijlen, de subtiele manier waarop hij in zijn
werk verwijst naar (lokale) tradities, en het gebruik van zowel
traditionalistische als modernistische vormen zijn kenmerkend voor zijn
oeuvre. Zijn werk relativeert de tegenstelling tussen
‘tradionalistische’ en ‘moderne’ architectuur, zoals die in het actuele
debat over (neo)traditionalisme nog steeds bestaat. Bij Bedaux staat
stijl niet op zichzelf. Vormen en stijlen vloeien voort uit de
specifieke ontwerpopgave, die bepaald wordt door de locatie, de
functie, de opdrachtgever en de tijd.

> Jos. Bedaux, Openluchtschool, Goirle, 1952-1958. Foto: © J. d’Oliveira | Nederlands Fotomuseum.
Het jaar van Bedaux
Bij Stichting BONAS verschijnt op 18 april een monografie over Jos. Bedaux. De foto’s bij dit artikel zijn afkomstig uit dit boek.
Jos. Bedaux architect (1910-1989) / Christel Leenen, mmv Evelien van Es. – Rotterdam, Stichting BONAS, 2010.
De tentoonstelling 100% Bedaux is te zien van 18 april tot 1 juli 2010 in het hoofdgebouw van de Tilburgse universiteit (voorheen de Katholieke Hogeschool Tilburg, een ontwerp van Jos. Bedaux)
Frans en George Bedaux hebben een website gemaakt waarop ze verslag doen van hun inventarisatie van de projecten van Jos. Bedaux. De projecten zijn beschreven en (opnieuw) gefotografeerd.
Het symposium Moderniteit en Traditie staat in het teken van 100 jaar Jos. Bedaux. Het vindt plaats op 22 april in het Goossens gebouwe van de Universiteit Tilburg. Sprekers zijn onder anderen: architect Jo Coenen, cultuurhistoricus Thomas van der Dunk, architectuurcriticus en curator van de tentoonstelling Arjen Oosterman, Frans Bedaux en Jacq. de Brouwer, architect en partner Bedaux de Brouwer Architecten.
November 2009 | Het werk van de traditionalistische architect J.F. Berghoef (1903-1994)
is opnieuw onderwerp van onderzoek. Het NAi heeft het
archief van Johannes Fake Berghoef in bruikleen gegeven aan de RUG om
zo het onderzoek te faciliteren en te stimuleren.
> Lees meer...
Het bureauarchief van de Leidse architecten Leo (1864-1942) en zijn zoon Jan van der Laan (1896-1966) bestaat voornamelijk uit tekeningen, die verrassend mooi bleken: gedetailleerde inkttekeningen en krachtige houtskoolschetsen.
> Lees meer...
Oktober 2010 | De winnaar en genomineerden van de AM NAi Prijs ontvangen niet alleen
een geldbedrag, maar verzekeren zich ook van een plekje in de archieven
van het NAi. Een van de redenen om de prijs in 2002 in het leven te
roepen, was om de collectie te verrijken met toonaangevend materiaal
van jonge, hedendaagse ontwerpers.
> Lees meer...
Bekijk foto's, tekeningen, spotprenten en grafische ontwerpen uit de archieven van G.F. la Croix en W. la Croix
> Lees meer...
Tentoonstelling
17
april
2004
- 22
augustus
2004
|
De eerste thematische tentoonstelling van GeWoon Architectuur, Woonomgevingen uit de Collectie NAi, was 'Nederland bouwt in baksteen' (2004). Deze interventie in de toenmalige vaste opstelling bestond uit materiaal van de eerste architectuurexpositie die museum Boijmans van Beuningen, de 'overbuurman' van het NAi, ooit toonde in 1941.
> Lees meer...